2016/47 niet-inhoudelijk-behandeld

Samenvatting

De heer X heeft geklaagd over berichtgeving van Omroep Gelderland waarin aandacht is besteed aan een strafzaak. Klager is een voormalig werknemer van het bedrijf van de verdachten. Volgens de Raad voor de Journalistiek heeft hij daarmee geen rechtstreeks belang bij de zaak. Daarom is de klacht niet inhoudelijk behandeld.

Conclusie van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van

X

tegen

de hoofdredacteur van Omroep Gelderland

De heer X te […] (klager) heeft op 9 oktober 2016 een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van Omroep Gelderland. Bij de beoordeling van de klacht is verder correspondentie van klager en mevrouw mr. M. Hennekens (advocaat van Omroep Gelderland) betrokken van 3 en 11 november 2016. 

De klacht is behandeld op de zitting van de Raad van 18 november 2016. Aan de zijde van de omroep zijn daar mevrouw Hennekens en de heren M. Veeningen (hoofdredacteur), E. Leenders (hoofd nieuws) en S. Ophoff (verslaggever) verschenen. Klager was niet aanwezig. Mevrouw Hennekens heeft het standpunt van de omroep toegelicht aan de hand van een notitie.

FEITEN

Op 30 september 2016 is een bericht op de website van Omroep Gelderland geplaatst met de kop “OM: 3 jaar cel voormalig politieman voor misbruik minderjarige”. Verder heeft Omroep Gelderland diezelfde dag aandacht aan de kwestie besteed in een uitzending van TV-nieuws.

DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

Klager is een voormalig werknemer van het bedrijf van de verdachten. Hij meent dat de verdachten door een combinatie van gegevens in de berichtgeving identificeerbaar zijn en dat een feitelijk onjuiste weergave van de zaak is geschetst. Hij voert aan dat hij een rechtstreeks belang heeft bij een oordeel van de Raad, omdat door de berichtgeving het bedrijf van de verdachten nagenoeg ter ziele is, waardoor hij zijn baan is verloren.

Omroep Gelderland wijst er op dat klager niet in de berichtgeving is genoemd en dat deze hij ook geen betrekking heeft op klager. De omroep betwist dat haar berichtgeving directe invloed zou hebben gehad op het door klager gestelde ter ziele gaan van het bedrijf van verdachten en het verlies van zijn baan. De omroep vindt dat klager zijn standpunt onvoldoende heeft onderbouwd en meent dat hij niet als rechtstreeks belanghebbende kan worden beschouwd.

BEOORDELING VAN HET RECHTSTREEKS BELANG

Volgens artikel 2 lid 1 van het Reglement voor de werkwijze van de Raad moet een klacht worden ingediend door een ‘rechtstreeks belanghebbende’. Volgens het oordeel van de Raad kan een klager als zodanig worden aangemerkt, indien zijn belang bij de gewraakte publicatie direct betrokken is en hij door die publicatie persoonlijk in zijn belang is geraakt.

De Raad stelt vast dat klager niet in de berichtgeving is genoemd en dat de berichtgeving ook geen betrekking heeft op hem. Hij heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij ten gevolge van de berichtgeving van Omroep Gelderland zijn baan is verloren. Niet is gebleken van omstandigheden die kunnen leiden tot het oordeel dat het belang van klager direct betrokken is bij de gewraakte berichtgeving en dat hij door de berichtgeving persoonlijk in zijn belang is geraakt.

Nu klager geen rechtstreeks belang heeft bij de zaak zal de Raad de klacht niet inhoudelijk behandelen.

Relevante eerdere conclusies van de Raad: RvdJ 2011/12 en RvdJ 2004/13
Relevante artikelen uit het Reglement voor de werkwijze van de Raad: 2 lid 1 en 9 lid 2

CONCLUSIE

De Raad behandelt de klacht niet inhoudelijk.

Zo vastgesteld door de Raad op 19 december 2016 door mw. mr. A.E. van Montfrans, voorzitter, M.C. Doolaard, mw. M.J.H. Doomen, mw. J.R. van Ooijen en mw. M. Stenneke, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris.