2011/89 onbevoegd

Beslissing van de Raad voor de Journalistiek
inzake de klacht van
 
Stichting kinderopvang Mundo
 
tegen 
 
de hoofdredacteur van Dit Was Het Nieuws (RTL)
 
Bij brief van 20 oktober 2011 met twee bijlagen heeft mr. A.W.M. Roozeboom, advocaat te Schiedam, namens Stichting kinderopvang Mundo (hierna: klaagster) een klacht ingediend tegen de hoofdredacteur van Dit Was Het Nieuws (RTL)(hierna: verweerder). Verweerder is in de gelegenheid gesteld ten aanzien van de bevoegdheid van de Raad te reageren, maar heeft daarvan geen gebruik gemaakt.
 
De bevoegdheid van de Raad is beoordeeld ter zitting van de Raad van 18 november 2011 buiten aanwezigheid van partijen.
 
Voorafgaand aan de zitting heeft de Raad de gewraakte uitzending via het internet bekeken.
 
DE FEITEN
 
Op 1 oktober 2011 is in een uitzending van het televisieprogramma Dit Was Het Nieuws een foto getoond, waarop een aantal personen is te zien die – samen met een politieagent – baby’s en peuters in een ledikant over straat rijden. Door de presentator van het programma is de foto voorzien van het volgende commentaar: “Politie probeert pedo uit huis te lokken”.
 
HET STANDPUNT VAN KLAAGSTER
 
Klaagster stelt dat de desbetreffende foto is gemaakt op 27 september 2011 tijdens een ontruiming van een van haar kinderdagverblijven in verband met een gaslek. Op de foto is een aantal pedagogisch medewerkers van klaagster te zien, die baby’s en peuters in veiligheid brengen.
Klaagster, haar medewerkers en vooral de ouders van de op de foto zichtbare kinderen zijn zeer geschokt dat de foto in de uitzending is geassocieerd met een dergelijk zeer emotioneel beladen onderwerp als pedofilie. Mede gelet op de recente incidenten in de kinderopvang in Amsterdam zijn door de combinatie van tekst en foto de grenzen overschreden van hetgeen journalistiek toelaatbaar is.
Volgens klaagster heeft verweerder niet waarheidsgetrouw bericht. Bovendien had een juiste belangenafweging ertoe moeten leiden dat de foto niet in deze context werd gepubliceerd. Voorts is de privacy geschaad van de medewerkers en kinderen die op de foto zichtbaar zijn. Daarbij komt dat de foto is gebruikt ter illustratie van een ander onderwerp dan waarvoor deze is gemaakt. Er is geen enkele relatie tussen de ontruiming vanwege een gaslek en pedofilie, aldus klaagster.
Zij betoogt dat verweerder heeft gehandeld in strijd met de Leidraad van de Raad, waardoor zij en haar medewerkers in hun belangen zij geschaad.
 
BEOORDELING VAN DE BEVOEGDHEID
 
Ingevolge artikel 3 lid 1 van de Statuten van de Stichting Raad voor de Journalistiek heeft de Raad tot taak om in de bij hem aanhangig gemaakte zaken betreffende journalistieke gedragingen te beoordelen of de grenzen zijn overschreden van hetgeen, gelet op de eisen van journalistieke verantwoordelijkheid, maatschappelijk aanvaardbaar is.
 
Krachtens artikel 4 lid 1 van deze Statuten wordt onder journalistieke gedraging verstaan: een handelen of nalaten van een journalist in de uitoefening van zijn beroep. Ingevolge het tweede lid van artikel 4, aanhef en sub a, voor zover thans van belang, moet onder journalist worden verstaan: “degene die, hetzij in dienstverband, hetzij als zelfstandige, er zijn hoofdberoep van maakt mede te werken aan de redactionele leiding of redactionele samenstelling van een dagblad, nieuwsblad, huis-aan-huisblad of tijdschrift voor zover de inhoud daarvan bestaat uit nieuws, foto’s en andere illustraties, verslagen of artikelen”.
 
De Raad overweegt dat de inhoud van de gewraakte uitzending niet zo zeer bestaat uit nieuws, maar uit satire óver het nieuws. Naar het oordeel van de Raad is duidelijk dat verweerder niet heeft beoogd aan de uitzending enige nieuwswaarde toe te voegen en dat de uitzending louter althans voornamelijk elementen bevat van niet-journalistieke aard, zoals (pogingen tot) satire en amusement. Deze elementen hebben een zodanige invloed op de uitzending dat deze in het geheel als van niet-journalistieke aard moet worden aangemerkt. Het journalistieke normenstelsel is voor de beoordeling van dergelijke uitzendingen niet bedoeld.
 
De klacht heeft derhalve geen betrekking op een journalistieke gedraging in bovenbedoelde zin, zodat de Raad onbevoegd is daarover te oordelen. (vgl. onder meer RvdJ 2010/25 en 2009/47)
 
BESLISSING
 
De Raad is onbevoegd over de klacht te oordelen.
 
Aldus vastgesteld door de Raad op 19 december 2011 door mr. C.A. Streefkerk, voorzitter, mw. M.J.H. Doomen, dr. H.J. Evers, mw. drs. M.G.N. Mathot en mw. J.G.T.M. Wartenbergh, leden, in tegenwoordigheid van mw. mr. D.C. Koene, secretaris, en mr. M. Steenbergen, plaatsvervangend secretaris.